Meer huizenprijzen

(Anekdotiek) Toen ik mijn (deel van ons) huis kocht, had ik zo’n zestig knotsen1 opzij staan. Zes jaar werken en sparen. Klein autootje, klein huurappartementje, zo min mogelijk festivals, geen of de goedkoopste smartphone, liefst met prepaid kaartje. Ook: (alleen) van maaltijdcheques leven ís een kunst.

  1. Zestigduizend euro.

Huizenprijzen

Aan wie, afgaand op de almaar stijgende huizenprijzen in zijn of haar straat, claimt zich zijn of haar huis niet meer te kunnen veroorloven en zich afvraagt wie dat wel nog kan:

  1. jijzelf, als je eerst je huis verkoopt, en
  2. je buren, zo blijkt.

Fagron

Ik zag toevallig deze tweet en kon het niet laten te denken: Fagron, maal vijf in amper drie jaar tijd!

Cash for car

Niemand ruilt zijn car voor cash, kopt De Tijd.

Ik wel, ruim een jaar geleden al. Ruilde m’n vier jaar oude VW Golf en zo’n beetje alle andere courante extralegale voordelen in toen ik voor een Nederlandse werkgever ging werken. Zo’n €700 euro worth of shizzle, rekende ik ooit uit.

Alles bijeen (en mede dankzij een aanzienlijk hoger brutoloon) ging mijn maandelijkse nettosalaris er met hetzelfde bedrag op vooruit. In the long run (denk pensioen, eventuele boni, [percentuele] opslag etc.) leek mij dat zelfs voordeliger1.

  1. Let wel: ik ben nogal ’n idioot; denkt u er dus gerust het uwe van.

Dure beleggingsfondsen

Vandaag in De Tijd:

Kosten halen het rendement van beleggingsfondsen met bijna een derde naar beneden. De laagste kosten, van ongeveer 1 procent, zijn er voor directe beleggingen in aandelen en obligaties, en beursgenoteerde fondsen, of ETF’s.